Blenden aan Boord: ja of nee?

Ook in Genève laat VOTOB van zich horen. Samen met de Vereniging Nederlandse Petroleum Industrie (VNPI) maakt de opslagsector zich sterk voor meer duidelijkheid over het ‘blenden aan boord’. Het VOTOB-voorstel zal begin 2017 bij het UNECE-overleg in Genève op tafel komen.

Mag het nou wél of niet? Het zogenaamde ‘blenden aan boord’ bevindt zich in een juridisch niemandsland. Volgens VOTOB is het een dagelijkse en veilige praktijk die sowieso al in Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland veel wordt toegepast. Volgens de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) mag het níet, omdat het niet als aparte ‘activiteit’ wordt genoemd in het geldende Europees Verdrag inzake het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren (ADN). Maar is iets verboden alleen omdat het niet vermeld staat?

ILT gaat handhavend optreden
In de praktijk vindt blenden lang niet altijd in leidingen (inline) of in tanks plaats. Het komt regelmatig voor dat een specifiek product aan boord van een schip wordt geblend. En dit gebeurt zoals gezegd niet alleen in Nederland maar ook in omliggende landen. Volgens Pehr Teulings (adviseur logistiek, VOTOB) heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport onlangs laten weten dat men handhavend wil gaan optreden. Volgens Pehr gaat het niet om een gevaarlijke praktijk: “Je moet er wel voor zorgen dat niet alleen het eindproduct geschikt is voor het schip maar ook alle blendcomponenten dat zijn.”

VOTOB heeft geprobeerd om in gesprek te gaan met de ILT, maar dit leidde niet direct tot een oplossing. “Vervolgens hebben we samen met de VNPI en de vertegenwoordigers van de binnenvaart het initiatief genomen om te proberen het ADN-verdrag zodanig aan te passen dat ‘blenden aan boord’ wél als een toegestane activiteit wordt genoemd”, zegt Pehr. “Ook de binnenvaartpartijen BLN en CBRB schreven mee aan een zogenaamd ‘Informeel document’ dat over enkele maanden op de agenda zal staan van het United Nations Economic Commission for Europe (UNECE), het platform dat het ADN-verdrag vaststelt.”

In het UNECE zitten vertegenwoordigers van de landen die partij zijn bij het verdrag. Bedrijven hebben een adviserende rol. Pehr Teulings onderhoudt daarom ook contact met het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. “De steun van de Nederlandse overheid is belangrijk, omdat we één van de belangrijkste landen binnen het ADN zijn; het merendeel van de Europese vloot ‘vaart onder Nederlandse vlag’.”

 

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Meer Nieuws
Nieuws

Jaarlijkse Fetsa conferentie

De Fetsa, de Europese belangenbehartiger voor de tankopslag, organiseert elk jaar een conferentie met een beurs.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Nieuws

Wat hebben VOTOB en VOTOB Academy in 2017 allemaal ondernomen?

Er is veel gedaan voor en samen met, onze leden. Te veel om allemaal los te benoemen. In ons jaaroverzicht hebben wij daarom de highlights over 2017 opgenomen.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Nieuws | Veilig

Votob schept duidelijkheid in overvulbeveiliging

Er zijn verschillende configuraties die gebruikt worden om een onafhankelijke overvulbeveiliging te realiseren. Samen met I-SZW heeft Votob gewerkt aan een serie afbeeldingen die de juiste en onjuiste maatregelen tegen overvullen in beeld brengen.

“De vraag of een bedrijf een onafhankelijke overvulbeveiliging heeft, is niet simpelweg met ‘ja’ of ‘nee’ te beantwoorden”, zegt Hennie Holtman (adviseur milieu en veiligheid bij Votob). “Die beveiliging bestaat namelijk uit een samenspel van verschillende technische componenten. Er zijn verschillende configuraties die een juiste manier van overvulbeveiliging vormen.”

Tijdens een workshop bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in 2016, kwam aan het licht dat er verschil van mening bestond tussen bedrijfsleven en inspectie over wat goede en onafhankelijke overvulbeveiliging precies inhoudt. Hennie Holtman: “Terwijl het bedrijf ervan overtuigd was de boel op orde te hebben, keurde de inspectie de overvulbeveiliging tóch af. Het leek me daarom goed om eens met een aantal mensen uit de tankopslag en een aantal van de inspectiediensten bij elkaar te gaan zitten om de verschillende configuraties door te spreken.”

Dit initiatief van Holtman leidde onlangs tot een visueel overzicht van alle technische methoden die gebruikt kunnen worden als ‘maatregelen tegen overvullen’. “Voordeel van dit overzicht is dat het in één oogopslag duidelijk is wat een goede manier van beveiligen is”, zegt Hennie Holtman. “Zo voorkomen we oeverloze discussies en zelfs rechtszaken. En bedrijven steken geen geld in beveiligingsmethoden die niet de goedkeuring van I-SZW hebben.”

Binnenkort zal het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zélf ook een mail uitsturen aan de betrokken industriepartijen om hen te informeren over de nieuwe visuele handleiding voor overvulbeveiliging. In de zomer van dit jaar zal I-SZW van start gaan met een nieuw toezichtsproject gericht op de maatregelen tegen overvullen van opslagtanks.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn