Heel kleine kans op grote schade

Misschien worden Brzo-bedrijven binnenkort verplicht om zich tegen milieuschade te verzekeren. Advocaat Natalie Vloemans adviseert bedrijven om niet af te wachten tot er wetgeving aankomt, maar zélf alvast met verzekeraars in gesprek te gaan.

“Hoewel Brzo-bedrijven zelf verantwoordelijk zijn voor het in goede staat houden van bedrijventerreinen, komt het tóch voor dat overheden opdraaien voor de saneringskosten bij een faillissement.” Die conclusie trok Tweede Kamerlid Liesbeth van Tongeren in december 2013. In de motie die haar naam draagt, vroeg zij aan de regering te laten onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om Brzo-bedrijven zélf voor de saneringskosten te laten opdraaien.

De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) ging met de opdracht aan de slag. Aan het begin van de zomer kwam de raad met een advies over de mogelijkheden van financiële zekerheidsstelling voor aansprakelijkheid bij milieuschade.

Geen wijzigingen civiel recht
Advocaat Natalie Vloemans (Ploum Lodder Princen) kent de kwestie op haar duimpje. “Deze discussie over de verzekerbaarheid van milieuschade speelt al sinds 1989”, weet Vloemans. “Er zijn tientallen rapporten over het onderwerp verschenen, maar tot nu toe is er nooit concreet op geacteerd, in de zin van wijziging van het civiel recht. Ik krijg het gevoel dat men bedrijven toch niet echt durft te verplichten om zich tegen dergelijke risico’s te verzekeren.”

Probleem van Brzo-bedrijven is dat de kans op milieuschade misschien wel klein is, maar dat die heel kleine kans wel heel grote schade kan veroorzaken. Schade die vervolgens heel lastig te verhalen is op de veroorzaker. Dat is precies de reden waarom regering en parlement de invoering van wettelijke zekerheidsstelling voor Brzo-bedrijven overwegen.

Volgens de Rli kan zo’n financieel zekerheidsstelsel verschillende vormen hebben. Het zou een verplichte verzekering kunnen zijn, een concerngarantie, een bankgarantie of een onderling waarborgfonds. Van belang is dat zo’n financieel zekerheidsstelsel niet tot gevolg heeft dat bedrijven minder aan preventie gaan doen.

Verzekeraars krabbelen terug
Vloemans: “Aan een verzekering zou je voorwaarden kunnen koppelen, maar als een bedrijf het op een andere manier oplost, via een concerngarantie bijvoorbeeld, dan kun je daar als overheid geen voorwaarden aan stellen.”

Een andere lastigheid is dat verzekeraars uitsluitingsgronden gebruiken, die ervoor zorgen dat het risico alsnog bij de overheid kan neerslaan. “Naarmate het over meer abstracte risico’s gaat, bijvoorbeeld over nanotechnologie, krabbelen verzekeraars snel terug”, aldus advocaat Vloemans. Het is kortom niet zo eenvoudig om een oplossing voor deze problematiek te vinden.

Advocaat Vloemans adviseert VOTOB-leden daarom om in gesprek te gaan met verzekeraars en tussenpersonen. “Volgens mij is het goed om hierin een proactieve koers te varen. Je zou aan verzekeraars kunnen vragen of ze van plan zijn om een specifiek product hiervoor aan te bieden. Neem het initiatief en ga aan de voorkant meedenken met de verzekeraars. Wellicht zouden verzekeraars zelfs een product kunnen maken dat aan alle bedrijven aangeboden kan worden. Daarmee wordt de premie dan vanzelf ook weer lager.”

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Meer Nieuws
Nieuws

Jaarlijkse Fetsa conferentie

De Fetsa, de Europese belangenbehartiger voor de tankopslag, organiseert elk jaar een conferentie met een beurs.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Nieuws

Wat hebben VOTOB en VOTOB Academy in 2017 allemaal ondernomen?

Er is veel gedaan voor en samen met, onze leden. Te veel om allemaal los te benoemen. In ons jaaroverzicht hebben wij daarom de highlights over 2017 opgenomen.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn
Nieuws | Veilig

Votob schept duidelijkheid in overvulbeveiliging

Er zijn verschillende configuraties die gebruikt worden om een onafhankelijke overvulbeveiliging te realiseren. Samen met I-SZW heeft Votob gewerkt aan een serie afbeeldingen die de juiste en onjuiste maatregelen tegen overvullen in beeld brengen.

“De vraag of een bedrijf een onafhankelijke overvulbeveiliging heeft, is niet simpelweg met ‘ja’ of ‘nee’ te beantwoorden”, zegt Hennie Holtman (adviseur milieu en veiligheid bij Votob). “Die beveiliging bestaat namelijk uit een samenspel van verschillende technische componenten. Er zijn verschillende configuraties die een juiste manier van overvulbeveiliging vormen.”

Tijdens een workshop bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in 2016, kwam aan het licht dat er verschil van mening bestond tussen bedrijfsleven en inspectie over wat goede en onafhankelijke overvulbeveiliging precies inhoudt. Hennie Holtman: “Terwijl het bedrijf ervan overtuigd was de boel op orde te hebben, keurde de inspectie de overvulbeveiliging tóch af. Het leek me daarom goed om eens met een aantal mensen uit de tankopslag en een aantal van de inspectiediensten bij elkaar te gaan zitten om de verschillende configuraties door te spreken.”

Dit initiatief van Holtman leidde onlangs tot een visueel overzicht van alle technische methoden die gebruikt kunnen worden als ‘maatregelen tegen overvullen’. “Voordeel van dit overzicht is dat het in één oogopslag duidelijk is wat een goede manier van beveiligen is”, zegt Hennie Holtman. “Zo voorkomen we oeverloze discussies en zelfs rechtszaken. En bedrijven steken geen geld in beveiligingsmethoden die niet de goedkeuring van I-SZW hebben.”

Binnenkort zal het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zélf ook een mail uitsturen aan de betrokken industriepartijen om hen te informeren over de nieuwe visuele handleiding voor overvulbeveiliging. In de zomer van dit jaar zal I-SZW van start gaan met een nieuw toezichtsproject gericht op de maatregelen tegen overvullen van opslagtanks.

FacebookTwitterGoogle+LinkedIn